De zekere toekomst van de christen [Serie]

In deze tijd van verwarring zijn er voor de gelovige Bijbelse basisprincipes waarmee hij meer dan ooit vertrouwd moet zijn. In een serie studies wordt hieraan aandacht besteed. Achtereenvolgens wordt stilgestaan bij Gods Woord als het fundament van de gelovige. Daarna gaat om zijn positie in Christus, daarna de geestelijke strijd gevolgd door het onmisbare gebed. Aandacht wordt vervolgens besteed aan het profetische woord, daarna de mogelijke misleiding van de gelovige. Verder is er sprake van een andere Christus. De voorzegde afval wordt onder de loep genomen gevolgd door de weerhouder. De laatste vier studies in deze serie gaan over de werking van Satan, dwaling en oordeel, de voorgestelde heerlijkheid, EN tot slot de zekere toekomst van de christen.

Kerst

(Either JavaScript is not active or you are using an old version of Adobe Flash Player. Please install the newest Flash Player.)

“Want een Kind is ons geboren, een Zoon is ons gegeven, en de heerschappij rust op zijn schouder en men noemt hem Wonderbare Raadsman, Sterke God, Eeuwige Vader, Vredevorst.”

Jesaja 9:5

Schriftlezing

“De geboorte van Jezus Christus geschiedde aldus. Terwijl zijn moeder Maria ondertrouwd was met Jozef, bleek zij, voordat zij gingen samenwonen, zwanger te zijn uit de heilige Geest. Daar nu Jozef, haar man, rechtschapen was en haar niet in opspraak wilde brengen, was hij van zins in stilte van haar te scheiden. Toen die overweging bij hem opkwam, zie, een engel des Heren verscheen hem in de droom en zei: Jozef, zoon van David, schroom niet Maria, uw vrouw, tot u te nemen, want wat in haar verwekt is, is uit de heilige Geest. Zij zal een zoon baren en gij zult Hem de naam Jezus geven. Want Hij is het, die zijn volk zal redden van hun zonden. Dit alles is geschied, opdat vervuld zou worden hetgeen de Here door de profeet gesproken heeft, toen hij zei: Zie, de maagd zal zwanger worden en een zoon baren, en men zal Hem de naam Immanuël geven, hetgeen betekent: God met ons.”

Mattheüs 1:18-23

Boodschap

De geboorte van Jezus Christus geschiedde aldus. Terwijl zijn moeder Maria ondertrouwd was met Jozef, bleek zij, voordat zij gingen samenwonen, zwanger te zijn uit de heilige Geest.

Mattheüs 1:18

Er zal een kind geboren worden. De manier waarop dit gaat is uniek. Wat is dat dan voor bijzonder kind? De Engel zei tegen Jozef: Maria “zal een zoon baren en gij zult Hem de naam Jezus geven. Want Hij is het, die zijn volk zal redden van hun zonden.”

Dit kind krijgt meteen zijn bestemming en die is ook niet alledaags. Hij zal een redder zijn. Dat redden is uit de macht van een vijand. Dat betekent dat er geweld aan te pas zal komen. Is dat Kerstfeest? Ik dacht altijd dat vrede op aarde bij Kerst hoorde. Kerstfeest was niet altijd, zoals wij het vandaag beleven. De eerste Christenen werden verdrukt en vervolgd. De boodschap van God’s heerschappij klonk als muziek in hun oren. Voor hen betekende vrede einde van vervolging en onderdrukking. Dan lazen ze uit Psalm 2 waarin de Messiaanse koning met Gods vijanden afrekent. “Gij zult hen verpletteren met een ijzeren knots, hen stukslaan als pottenbakkerswerk. Nu dan, gij koningen, weest verstandig, laat u gezeggen, gij richters der aarde.” Dat klinkt ons vreemd in de oren. Zo kijken we toch nooit naar Kerst! Toch is het niet zo vreemd als het lijkt, want in het Nieuwe Testament lezen we:

“Hiertoe is de Zoon van God geopenbaard, opdat Hij de werken des duivels verbreken zou.”

1 Johannes 3:8b

Iemands persoonlijke omstandigheden spelen blijkbaar een rol, hoe hij dit feest beleeft. Vele eeuwen later, in 1724, zag de 39-jarige Johann Sebastian Bach het heel anders. In de Kerstcantate voor de eerste Kerstdag zong een tenor: “God voor wie de aarde te klein is, de wereld en de hemel kunnen Hem niet bevatten.” En dan de onverwachte tegenstelling: “Hij wil in een krappe kribbe liggen.” Bach was sprakeloos. De hemel en de aarde zijn te klein voor God, toch wil Hij in een kleine kribbe liggen. Kerst betekent, blijkbaar niet alleen afrekening met een vijand, redding van een volk, maar ook verwondering. Hoe beleven wij Kerst? Bij een volgepakte zangavond in de Royal Albert Hall in Londen zongen 6000 mensen kerstliederen. Daar zong ook een tenor. Toen hem gevraagd werd wat Kerst voor hem betekende zei hij, het samenzijn met de familie. Hij kreeg applaus. Hoe beleven we Kerst? Iemand die kritisch naar Kerst keek zei, dat het feest versuikerd is. Alles is zoet en lief. Je mag de sfeer niet bederven. Kunnen we ons nog verwonderen? De cultuur mag niet ons geloof bepalen. We moeten geloof en cultuur uit elkaar houden. We lijden aan een overdaad van reclame en kunstmatige sfeer. Dat de heerschappij op zijn schouder ligt, wordt vergeten. Gods Woord noemt Hem Wonderbare Raadsman, Sterke God, Eeuwige Vader, Vredevorst. Als de strijd gestreden is, komt er vrede. Dat is nog niet vandaag, maar toekomst. Als het Kerstkind in ons hart geboren is, kunnen we nu al Vrede in ons hart hebben. Natuurlijk mogen we Kerstfeest vieren, samenzijn met de familie. Geniet er van, daar is niets mis mee. Maar dáár kwam Hij niet voor. Zoals we vandaag naar het Kerstfeest kijken, heeft de cultuur het Christusfeest overweldigd. De samenleving is in rep en roer, want het wordt Kerst. Maar om wat, om Wie gaat het eigenlijk? Mag de door God gegeven Zoon er ook bij zijn op zijn verjaardag? Hebt u Hem ergens gezien op straat, in de winkels? Waar is Hij? Hoe heette Hij in de Kerstnacht? Pas op de 8e dag na Kerst kreeg Hij Zijn Naam:

“Gij zult Hem de naam Jezus geven. Want Hij is het, die zijn volk zal redden van hun zonden.”

Mattheüs 1:21

“Want de behoudenis is in niemand anders, want er is ook onder de hemel geen andere Naam aan de mensen gegeven, waardoor wij moeten behouden worden.”

Handelingen 4:12

Zoals deze tekst zegt, die redding heeft niet alleen te maken met het tijdelijke maar heeft consequenties voor de eeuwigheid, waar ieder mens voor komt te staan. De vijand werd overwonnen op het kruis van Golgotha. De geestelijke strijd duurt nu nog voort. Hoe kan de strijd voortduren, als de vijand verloren heeft? De Duitse soldaten zeiden het zelfs hardop. En wat gebeurde? Gaf de vijand op? Nee, de tegenstand en de vernielingen werden alleen maar erger. Zo is het ook in de eindstrijd zoals voorzegd door de profeet:

“Dan zal de Here uittrekken om tegen die volken te strijden, zoals Hij vroeger streed, ten dage van de krijg; zijn voeten zullen te dien dage staan op de Olijfberg, die vóór Jeruzalem ligt aan de oostzijde; dan zal de Olijfberg middendoor splijten, oostwaarts en westwaarts, tot een zeer groot dal, en de ene helft van de berg zal noordwaarts wijken en de andere helft zuidwaarts; en gij zult de vlucht nemen in het dal mijner bergen, want het dal der bergen zal reiken tot Asel; ja, gij zult de vlucht nemen, zoals gij de vlucht genomen hebt voor de aardbeving in de dagen van Uzzia, de koning van Juda. En de Here, mijn God, zal komen, alle heiligen met Hem.

(…)

En de Here zal koning worden over de gehele aarde; te dien dage zal de Here de enige zijn, en zijn naam de enige.”

Zacharia 14:3-5, 9

Voor wie het vergeten was. Hij op wiens schouder de heerschappij rust verliet op Hemelvaartsdag de aarde van de Olijfberg. Bij Zijn Wederkomst komt Hij ook op die plaats terug. Dat betekent het definitieve einde van de vijand, de Antichrist en de redding van Zijn volk, allen die Hem als Heer en Heiland in hun leven hebben aanvaard.

Amen.

~Dr. K. van Berghem

Advent – Mysterie

(Either JavaScript is not active or you are using an old version of Adobe Flash Player. Please install the newest Flash Player.)

“Toen die overweging bij hem opkwam, zie, een engel des Heren verscheen hem in de droom en zei: Jozef, zoon van David, schroom niet Maria, uw vrouw, tot u te nemen, want wat in haar verwekt is, is uit de heilige Geest.”

Mattheüs 1:20

Schriftlezing

“De geboorte van Jezus Christus geschiedde aldus. Terwijl zijn moeder Maria ondertrouwd was met Jozef, bleek zij, voordat zij gingen samenwonen, zwanger te zijn uit de heilige Geest. Daar nu Jozef, haar man, rechtschapen was en haar niet in opspraak wilde brengen, was hij van zins in stilte van haar te scheiden. Toen die overweging bij hem opkwam, zie, een engel des Heren verscheen hem in de droom en zei: Jozef, zoon van David, schroom niet Maria, uw vrouw, tot u te nemen, want wat in haar verwekt is, is uit de heilige Geest. Zij zal een zoon baren en gij zult Hem de naam Jezus geven. Want Hij is het, die zijn volk zal redden van hun zonden. Dit alles is geschied, opdat vervuld zou worden hetgeen de Here door de profeet gesproken heeft, toen hij zei: Zie, de maagd zal zwanger worden en een zoon baren, en men zal Hem de naam Immanuël geven, hetgeen betekent: God met ons. Toen Jozef uit zijn slaap ontwaakt was, deed hij, zoals de engel des Heren hem bevolen had en hij nam zijn vrouw tot zich. En hij had geen gemeenschap met haar, voordat zij een zoon gebaard had. En hij gaf Hem de naam Jezus.”

Mattheüs 1:18-25

Boodschap

Hier hebben we te maken met iets wat niet kan. Dit is nooit vertoond. Niemand kent iemand, die hier ooit van gehoord heeft. Een maagdelijke geboorte is onmogelijk. Niemand heeft dat in zijn familie of kennissenkring meegemaakt. Onzin, of toch niet? Voor wie probeert dit filosofisch te beredeneren wordt het mysterie alleen maar groter. Wie dit mysterie Bijbels wil verstaan loopt tegen de profetische tekst aan:

“Want zoals de hemelen hoger zijn dan de aarde, zo zijn mijn wegen hoger dan uw wegen en mijn gedachten dan uw gedachten.”

Jesaja 55:9

Hoe knap we ook zijn, deze openbaring gaat ons begrip te boven. Openbaring, kennis, die God ons bekendmaakt en die we op geen enkele andere manier zouden kunnen weten. Het is geen kwestie van wetenschap maar van geloof. Vandaag is de regel, wat niet bewezen kan worden bestaat niet. Maar echte wetenschap betekent, dat niets bij voorbaat uitgesloten moet worden. Wie dat doet, bezorgt zichzelf een blinde vlek in zijn waarneming. Wie dat doet, kan de waarheid niet meer ontdekken. Als God de hemel en de aarde geschapen heeft, zou Hij dan dit niet kunnen? Ja maar, kan iemand zeggen, wie bewijst, dat God dat gedaan heeft? Wie dat niet gelooft moet dan maar bewijzen, dat Hij het niet gedaan heeft. De tekst maakt duidelijk, dat God in het leven van de maagd Maria op wonderlijke wijze gehandeld heeft. Wie was zij? Een jong meisje, God koos haar uit de koninklijke familie van koning David. Ze was in ondertrouw met Jozef de timmerman uit Nazareth. Langs een andere tak behoorde ook hij tot het huis van David. Jozef en Maria waren onopvallende figuren. Ze waren zich er niet van bewust, maar ze hadden Gods aandacht.

Maria werd door God uitgekozen om de moeder van het kind Jezus te worden. Als de engel haar komt vertellen, dat ze in verwachting zal raken, vraagt ze stomverbaasd hoe dat wel kan? Ik heb geen man, zegt ze. Ja maar, ze was toch in ondertrouw, nou dan. Ze had geen omgang met een man. Ze was immers niet getrouwd. Ze was en bleef maagd. Zo was dat in Israël, zo was het vroeger ook in Nederland. Vroeger, ja vroeger. Zonder huwelijk was een zwangerschap voor Maria onbestaanbaar. Ze heeft Jozef verteld, wat de engel haar verteld had. Jozef zat ermee, enorm. Wat die twee doorleefd hebben, kunnen wij niet peilen. Het ging in tegen alles, wat ze geleerd en geloofd hadden en zoals dat voor ieder stel gold. Maria zwanger? Dat kon in Israël absoluut niet.

De enige oplossing, die Jozef ziet is op grond van Gods Woord in stilte van Maria scheiden. Hoewel ze dit geen van beiden willen, hebben ze geen andere keus. Ze kunnen God, hun ouders en elkaar recht in de ogen kijken. Gods heeft dit stel uitgekozen om Zijn Zoon in Maria’s schoot en in Jozef’s armen te leggen. Het goddelijke wordt in het menselijke gelegd. Dit is een mysterie. Jezus, Gods Zoon, neemt de gestalte, het uiterlijk van een mens aan en blijft voluit God. Dit is het mysterie. Het mysterie bestaat ook vandaag nog. God ziet ook vandaag uit naar jonge mensen om Zijn Zoon in hun hart te leggen. Mensen zijn bedoeld om Gods Geest in hun leven te dragen. Dit wonder herhaalt zich bij de mensen, als ze wedergeboren worden. Dat is als de Heilige Geest inwoning bij de mens maakt. Is dat bij u, bij jou al gebeurd? Nee? Zou u willen, dat het gebeurt? De Here Jezus zelf heeft geleerd:

“Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven hebbe.”

Johannes 3:16

Wie daar serieus op ingaat mag door het geloof een kind van God worden. Want:

“Allen, die Hem aangenomen hebben, hun heeft Hij macht gegeven om kinderen Gods te worden, hun, die in zijn naam geloven.”

Johannes 1:12

Zo iemand wordt dan een tempel van de Heilige Geest. De havenstad Corinthe stond bekend om zijn losbandig leven. Ook sommige gelovigen in Corinthe worstelden er mee. De apostel Paulus schreef hen:

“Of weet gij niet, dat uw lichaam een tempel is van de Heilige Geest, die in u woont, die gij van God ontvangen hebt, en dat gij niet van uzelf zijt? Want gij zijt gekocht en betaald. Verheerlijkt dan God met uw lichaam.”

1 Corinthiërs 6:19-20

Dat leven ziet er anders uit, dan wat onze hedendaagse cultuur jonge mensen voorhoudt. In de tijd van Jozef en Maria was de samenleving ook bepaald geen paradijs. Zij deden niet mee met hun tijd. Christenzijn is geen gevoelskwestie. Het gaat om de totale mens, ook met je geest, waar Gods Geest in woont. Daarom kon de engel Gabriel tegen Maria en Jozef zeggen, dat wat in haar verwekt was, van de Heilige Geest was. God wil Zijn heerlijkheid ook in ons leggen, in onze geest, onze ziel en ons lichaam. Mensen die zo leven zijn niet populair. Ze halen de krantekoppen niet, ze komen niet op de TV. Maar wat is eigenlijk de zin van het leven? Waarom zijn we hier eigenlijk? Geboren worden, opgroeien, carrière maken, voorspoedig leven, ziek worden en doodgaan? Is dat alles? Wat zegt Gods Woord? Over Israël zei God:

“Ieder die naar mijn naam genoemd is, en die Ik geschapen heb tot mijn eer, die Ik geformeerd heb, die Ik ook gemaakt heb.”

Jesaja 43:7

Dit geldt ook voor de gelovigen van vandaag. Leven tot Zijn eer, dat is de zin van het leven. God op de eerste plaats in ons leven. Dan weten we waar we vandaan komen, weten wat we hier te doen hebben en weten we tenslotte ook waar we heengaan. We zijn niet ontstaan uit een toevallige cel, maar door God gewild als dragers van Zijn heerlijkheid met een eeuwige bestemming. Advent is mysterie. Het gebeurde toen zodat het ook vandaag kan gebeuren. Het is niet te begrijpen, je kunt het alleen geloven of niet. Dit is het mysterie, dat mensen vandaag mogen ontvangen en beleven. God ziet uit naar mensen, aan wie Hij Zijn schat kan toevertrouwen. Het is Advent. Jezus komt om geboren te worden. Kan dat bij jou? Maria zag het niet aankomen. Het overrompelde haar maar ze was klaar voor het werk van de Heilige Geest. Advent is niet alleen een historische gebeurtenis, het is ook realiteit voor vandaag. Ben je er klaar voor? Kan God ook in jouw leven het wonder doen? Dan wordt het pas echt Advent.

Amen.

~Dr. K. van Berghem

Het Verbond

(Either JavaScript is not active or you are using an old version of Adobe Flash Player. Please install the newest Flash Player.)

“En Ik zal vijandschap zetten tussen u en de vrouw, en tussen uw zaad en haar zaad; dit zal u de kop vermorzelen en gij zult het de hiel vermorzelen.”

Genesis 3:15

Schriftlezing

“De slang nu was het listigste van alle dieren des velds, die de Here God gemaakt had; en zij zei tot de vrouw: God heeft zeker wel gezegd: Gij zult niet eten van enige boom in de hof? Toen zei de vrouw tot de slang: Van de vrucht van het geboomte in de hof mogen wij eten, maar van de vrucht van de boom, die in het midden van de hof staat, heeft God gezegd: Gij zult daarvan niet eten noch die aanraken; anders zult gij sterven. De slang echter zei tot de vrouw: Gij zult geenszins sterven, maar God weet, dat ten dage, dat gij daarvan eet, uw ogen geopend zullen worden, en gij als God zult zijn, kennende goed en kwaad. En de vrouw zag, dat de boom goed was om van te eten, en dat hij een lust was voor de ogen, ja, dat de boom begeerlijk was om daardoor verstandig te worden, en zij nam van zijn vrucht en at, en zij gaf ook haar man, die bij haar was, en hij at. Toen werden hun beider ogen geopend, en zij bemerkten, dat zij naakt waren; zij hechtten vijgebladeren aaneen en maakten zich schorten. Toen zij het geluid van de Here God hoorden, die in de hof wandelde in de avondkoelte, verborgen de mens en zijn vrouw zich voor de Here God tussen het geboomte in de hof. En de Here God riep de mens tot Zich en zei tot hem: Waar zijt gij? En hij zei: Toen ik uw geluid in de hof hoorde, werd ik bevreesd, want ik ben naakt; daarom verborg ik mij. En Hij zei: Wie heeft u te kennen gegeven, dat gij naakt zijt? Hebt gij van de boom gegeten, waarvan Ik u verboden had te eten? Toen zei de mens: De vrouw, die Gij aan mijn zijde gesteld hebt, die heeft mij van de boom gegeven en toen heb ik gegeten. Daarop zei de Here God tot de vrouw: Wat hebt gij daar gedaan? En de vrouw zei: De slang heeft mij verleid en toen heb ik gegeten. Daarop zei de Here God tot de slang: Omdat gij dit gedaan hebt, zijt gij vervloekt onder al het vee en onder al het gedierte des velds; op uw buik zult gij gaan en stof zult gij eten, zolang gij leeft. En Ik zal vijandschap zetten tussen u en de vrouw, en tussen uw zaad en haar zaad; dit zal u de kop vermorzelen en gij zult het de hiel vermorzelen.”

Genesis 3:1-15

Boodschap

In deze overdenking wordt in vogelvlucht gekeken naar de hoogtepunten van het Verbond in Gods Woord. Als het over het Verbond gaat denken de meeste mensen meteen aan Gods Verbond met Abraham. Maar dat was niet het eerste Verbond, dat God met de mensen sloot. Ver vóór Abraham sloot God een Verbond met Noach. De aarde zal nooit meer door een zondvloed vergaan. Tot nu toe ging het over de volken. Zoals steeds zijn de Verbonden, die God met de mensen sloot éénzijdig. Dat wil zeggen, het initiatief gaat steeds van God uit. God en de mens zijn geen twee gelijkwaardige partijen. Alhoewel het woord “Verbond” in Genesis 3:15 niet genoemd wordt, heeft de belofte, die God aan Adam en Eva deed, de kracht van een Verbond. Dit is grondleggend voor alles wat volgt. Satan had Eva verleid, dit leidde tot de zondeval. Daar greep God in. Hij beloofde, dat het zaad van de vrouw, dat is de komende Verlosser, Satan de kop zou vermorzelen. Dit Verbond ontwikkelt zich in etappes. Voorlopig ging het bergafwaarts. Na verloop van tijd was de aarde vol van geweld, waar God door de Zondvloed een einde aan maakte. Met Noach maakte God een nieuw begin. Daarna koos God Abraham uit de volken om van hem de vader van een volk te maken. God zei:

“Ik zal zegenen wie u zegenen, en wie u vervloekt zal Ik vervloeken, en met u zullen alle geslachten des aardbodems gezegend worden.”

Genesis 12:3

Dan volgt Gods Verbond met het volk Israël. Hun lange geschiedenis is er een van vallen en opstaan. Maar Joël profeteerde:

“Daarna zal het geschieden, dat Ik mijn Geest zal uitstorten op al wat leeft, (…) Ook op de dienstknechten en op de dienstmaagden zal Ik in die dagen mijn Geest uitstorten.”

Joël 2:28-29

Dat is het Nieuwe Verbond.

Als Hij spreekt van een nieuw verbond, heeft Hij daarmede het eerste voor verouderd verklaard. Wat veroudert en verjaart, is niet ver van verdwijning. Hebreeën 8:13 Wanneer gebeurde dat? Bij het Laatste Avondmaal, op Goede Vrijdag op Golgotha:

“Toen Jezus dan de zure wijn genomen had, zei Hij: Het is volbracht! En Hij boog het hoofd en gaf de geest.”

Johannes 19:30

Wat is volbracht? De belofte uit het Paradijs. Het Oude Verbond loopt van het Paradijs tot Golgotha. Op de Pinksterdag trad het Nieuwe Verbond in werking.

“En eensklaps kwam er uit de hemel een geluid als van een geweldige windvlaag en vulde het gehele huis, waar zij gezeten waren;

(…)

en zij werden allen vervuld met de heilige Geest en begonnen met andere tongen te spreken, zoals de Geest het hun gaf uit te spreken.”

Handelingen 2:2, 4

De Gemeente, die daar ontstond is het geestelijke, het Joods-Messiaanse Israël. Paulus noemt het de Olijfboom. Later schreef de apostel Paulus aan de Gemeente in Rome:

“… want het heil is uit de Joden.”

Johannes 4:22

Maar eerst moet het Oude Verbond worden afgesloten. In Hebreeën 8 gaat het over dat Nieuwe Verbond. Daarin staat te lezen:

“Als Hij spreekt van een nieuw (verbond), heeft Hij daarmede het eerste voor verouderd verklaard. En wat veroudert en verjaart, is niet ver van verdwijning.”

Hebreeën 8:13

Jeremia profeteerde lang van tevoren:

“Zie, de dagen komen, luidt het woord des Heren, dat Ik met het huis van Israël en het huis van Juda een nieuw verbond sluiten zal.

(…)

Maar dít is het verbond, dat Ik met het huis van Israël sluiten zal na deze dagen, luidt het woord des Heren: Ik zal mijn wet in hun binnenste leggen en die in hun hart schrijven, Ik zal hun tot een God zijn en zij zullen Mij tot een volk zijn.”

Jeremia 31:31, 33

En wij, gelovigen uit de heidenen? Wij mogen deel van dat Nieuwe Verbond uitmaken. Hoe werkt dat? Als iemand gelooft, dat Jezus Christus voor zijn/haar zonden gestorven is, wordt hij/zij geënt op die Olijfboom. Zo mogen wij deel uitmaken van het Nieuwe Verbond. Waar staat dat? In het kort. In het zendingsverslag in Jeruzalem staat:

“Simeon heeft uiteengezet, hoe God van meet aan erop bedacht geweest is een volk voor zijn naam uit de heidenen te vergaderen.

(…)

spreekt de Here, die deze dingen doet, welke van eeuwigheid bekend zijn.”

Handelingen 15:14, 17b-18

“Maar thans in Christus Jezus zijt gij, die eertijds veraf waart, dichtbij gekomen door het bloed van Christus. Want Hij is onze vrede, die de twee één heeft gemaakt en de tussenmuur, die scheiding maakte, de vijandschap, weggebroken heeft, doordat Hij in zijn vlees de wet der geboden, in inzettingen bestaande, buiten werking gesteld heeft, om in Zichzelf, vrede makende, de twee tot een nieuwe mens te scheppen, en de twee, tot een lichaam verbonden. weder met God te verzoenen door het kruis, waaraan Hij de vijandschap gedood heeft.”

Efeziërs 2:13-16

Zo wordt de scheiding tussen Joden en heidenen, die in de Messias geloven opgeheven. Niet alleen voor Israël maar ook voor hen, die niet tot dat volk behoren, loopt de weg tot behoud via Golgotha. Daar stierf de Verlosser, die in het Paradijs beloofd was. Wie dat gelooft behoort tot de Gemeente van Christus. Wat zegt de apostel Petrus?

“wetende, dat gij niet met vergankelijke dingen, zilver of goud, zijt vrijgekocht van uw ijdele wandel, die (u) van de vaderen overgeleverd is,  maar met het kostbare bloed van Christus, als van een onberispelijk en vlekkeloos lam.”

1 Petrus 1:18-19

Amen.

~Dr. K. van Berghem

Genezing

(Either JavaScript is not active or you are using an old version of Adobe Flash Player. Please install the newest Flash Player.)

“Is er iemand bij u ziek? Laat hij dan de oudsten der gemeente tot zich roepen, opdat zij over hem een gebed uitspreken en hem met olie zalven in de naam des Heren. En het gelovige gebed zal de lijder gezond maken, en de Here zal hem oprichten. En als hij zonden heeft gedaan, zal hem vergiffenis geschonken worden.”

Jacobus 5:14-15

Schriftlezing

“Welaan dan, gij rijken, weent en maakt misbaar over de rampen, die u zullen overkomen. Uw rijkdom is verrot, uw klederen zijn door de mot aangevreten, uw goud en zilver is verroest, en het roest ervan zal tegen u getuigen en uw vlees verteren als vuur. Gij zijt schatten gaan opleggen, terwijl het de laatste dagen zijn. Zie, het loon, dat door u is ingehouden van de arbeiders, die uw landen hebben gemaaid, schreeuwt, en het geroep van hen, die uw oogst hebben binnengehaald, is doorgedrongen tot de oren van de Here Sebaot. Gij hebt op aarde weelderig geleefd en u te goed gedaan, gij hebt uw hart vetgemest in de slachttijd. Gij hebt de rechtvaardige veroordeeld, ja vermoord; er is geen verweer tegen u. Hebt dus geduld, broeders, tot de komst des Heren! Zie, de landman wacht op de kostelijke vrucht des lands en heeft geduld, totdat de vroege en late regen erop gevallen is. Oefent ook gij geduld, sterkt uw harten, want de komst des Heren is nabij.  Broeders, zucht niet tegen elkander, opdat gij niet onder het oordeel valt; zie, de Rechter staat voor de deur. Broeders, neemt tot een voorbeeld van gelatenheid en geduld de profeten, die in de naam des Heren hebben gesproken. Zie, wij prijzen hen zalig, die volhard hebben; gij hebt van de volharding van Job gehoord en gij hebt uit het einde, dat de Here deed volgen, gezien, dat de Here rijk is aan barmhartigheid en ontferming. Maar vooral, mijn broeders, zweert niet, noch bij de hemel, noch bij de aarde, noch welke andere eed ook. Laat ja bij u ja zijn en neen neen, opdat gij niet onder het oordeel valt. Heeft iemand onder u leed te dragen? Laat hij bidden. Is iemand blij te moede? Laat hij lofzingen.  Is er iemand bij u ziek? Laat hij dan de oudsten der gemeente tot zich roepen, opdat zij over hem een gebed uitspreken en hem met olie zalven in de naam des Heren. En het gelovige gebed zal de lijder gezond maken, en de Here zal hem oprichten. En als hij zonden heeft gedaan, zal hem vergiffenis geschonken worden. Belijdt daarom elkander uw zonden en bidt voor elkander, opdat gij genezing ontvangt. Het gebed van een rechtvaardige vermag veel, doordat er kracht aan verleend wordt.”

Jacobus 5:1-16

Boodschap

Genezing. Dit is een zeer actueel onderwerp. Elk jaar betalen we hogere premies. Ziekenhuizen hebben moeite om de eindjes aan elkaar te knopen. Genezing. Ieder mens wil gezond zijn of weer worden. Ook Gods Woord spreek erover. En dat kost geen geld. Voor wie was deze boodschap bestemd? Uit deze brief blijkt, dat het geschreven werd aan Messiasbelijdende Joden. We kunnen maar een klein gedeelte van deze brief bespreken.

“Is er iemand bij u ziek? Laat hij dan de oudsten der gemeente tot zich roepen, opdat zij over hem een gebed uitspreken en hem met olie zalven in de naam des Heren.  En het gelovige gebed zal de lijder gezond maken, en de Here zal hem oprichten. En als hij zonden heeft gedaan, zal hem vergiffenis geschonken worden.”

Jacobus 5:14-15

De tekst heeft hier twee delen. Er zijn veel vormen van lijden. De totale mens bestaat uit geest, ziel en lichaam. Ook gelovigen kunnen problemen hebben. Het gaat hier om iemand, Jood of heiden, die de Messias belijdt. Iemand bij wie de Here Jezus centraal in zijn leven staat. In zo’n situatie mag hij/zij de oudsten van de Gemeente roepen om voor hem te bidden en hem of haar in de naam des Heren te zalven. De belofte is, dat de zieke opgericht zal worden. Dat is iets anders dan rechtop in bed zitten. In de grondtekst staat: gered zal worden. Gered van wat? Dat kan lichamelijk, psychisch of pneumatisch, of te wel geestelijk, zijn. Jacobus was een Jood met Hebreeuws denken. In dat denken gaat niet maar om de lichamelijke problemen, waar onze tijd zo zwaar de nadruk oplegt. Het gaat om de totale mens. Dat wil zeggen geest, ziel en lichaam. Gods Woord leert, dat geest en ziel niet hetzelfde zijn.

“En Hij, de God des vredes, heilige u geheel en al, en geheel uw geest, ziel en lichaam moge bij de komst van onze Here Jezus Christus blijken in allen dele onberispelijk bewaard te zijn.”

1 Thessalonisenzen 5:23

en het volgende gedeelte:

“Want het woord Gods is levend en krachtig en scherper dan enig tweesnijdend zwaard en het dringt door, zó diep, dat het vaneenscheidt ziel en geest,”

Hebreeën 4:12

Genezing is niet los verkrijgbaar. Waarom zou iemand, die niet in de Here Jezus gelooft bij Hem genezing zoeken? De gelovige zieke kent de oudsten, en zij kennen hem. Het gesprek vindt plaats in de woning van de hulpzoekende. Waarom daar? Daar moet de vraag gesteld worden of er mogelijk sprake van zonde is. Dat moet niet in een massabijeenkomst op een podium. Het gaat hier om zaken, waar niemand wat mee te maken heeft. In een volgende overdenking hoop ik daar op terug te komen. Dit gesprek, het gebed en de zalving met olie behoort plaats te vinden in de intieme kring, waar geheimhouding verzekerd is. Ook de oudsten zijn daar aan gebonden. Het gaat om geestelijk rijpe broeders. Hun relatie met de Heer van de Gemeente moet ook zuiver zijn. Bij allen, die bij deze gebeurtenis betrokken zijn mag er geen sprake van bewuste en onbeleden zonde zijn, die gebedsverhoring in de weg staat. Als dingen uitlekken en rondzingen, is dat funest voor pastorale zorg. Het is ook geen magisch gebeuren. De handelingen worden verricht en dan moet het gebeuren Zo werkt het niet. En al helemaal niet, waar geen genezing plaatsvindt, de hulpzoekende er de schuld van krijgt, omdat hij/zij niet gelooft. Het gaat om het welzijn van de hulpzoekende. Het gaat om tijdelijk of eeuwig welzijn. Het probleem kan lichamelijk of gevoelsmatig zijn, of de combinatie ervan, wat psychosomatisch genoemd wordt. Het kan ook puur geestelijk zijn. Gods Woord is duidelijk. In kinderlijk eenvoudig geloof mogen we die weg gaan. Daarbij blijft het altijd: Uw wil geschiede, ook al begrijpen we het niet. Ik kom er een volgend keer op terug.

Amen.

~Dr. K. van Berghem

Waar is de Bruid? – Vervolg

(Either JavaScript is not active or you are using an old version of Adobe Flash Player. Please install the newest Flash Player.)

“Dan zal het Koninkrijk der hemelen vergeleken worden met tien maagden, die haar lampen namen en uittrokken, de bruidegom tegemoet.”

Mattheüs 25:1

Schriftlezing

“Dan zal het Koninkrijk der hemelen vergeleken worden met tien maagden, die haar lampen namen en uittrokken, de bruidegom tegemoet. En vijf van haar waren dwaas en vijf waren wijs. Want de dwaze namen haar lampen mede, maar geen olie; doch de wijze namen olie in haar kruiken, met haar lampen. Terwijl de bruidegom uitbleef, werden zij allen slaperig en sliepen in. En midden in de nacht klonk een geroep: De bruidegom, zie, gaat uit hem tegemoet! Toen stonden al die maagden op en brachten haar lampen in orde. En de dwaze zeiden tot de wijze: Geeft ons van uw olie, want onze lampen gaan uit. Maar de wijze antwoordden en zeiden: Neen, er mocht niet genoeg zijn voor ons en voor u; gaat liever naar de verkopers en koopt voor uzelf. Doch terwijl ze heengingen om te kopen, kwam de bruidegom, en die gereed waren, gingen met hem de bruiloftszaal binnen, en de deur werd gesloten. Later kwamen ook de andere maagden en zeiden: Heer, heer, doe ons open! Maar hij antwoordde en zei: Voorwaar, ik zeg u, ik ken u niet. Waakt dan, want gij weet de dag noch het uur.”

Mattheüs 25:1-13

Bijbelstudie

Hiermee worden enkele dingen uitgewerkt, die vorige week in de Overdenking van dit Schriftgedeelte gezegd werden. Het is nu eenmaal niet mogelijk alles in één keer te zeggen. Het is goed om niet alleen een tekstverklaring te hebben maar ook de achtergronden te belichten. Daarom is het dit keer eerder een Bijbelstudie waarbij dieper op bepaalde uitspraken van vorige week wordt ingegaan.

Het Signaal

In de Overdenking werd bijvoorbeeld gezegd, dat er geen nader signaal te verwachten is voordat de Here Jezus wederkomt. Het waarschuwende signaal heeft al eeuwenlang geknipperd, en dan gebeurt het ineens. Later werd in de Overdenking de uitspraak van de apostel aangehaald:

“Want de Here zelf zal op een teken, bij het roepen van een aartsengel en bij het geklank ener bazuin Gods, nederdalen van de hemel, en zij, die in Christus gestorven zijn, zullen het eerst opstaan; daarna zullen wij, levenden, die achterbleven, samen met hen op de wolken in een oogwenk weggevoerd worden, de Here tegemoet in de lucht, en zó zullen wij altijd met de Here wezen.”

1 Thessalonisenzen 4:16-17

Deze twee uitspraken spreken elkaar niet tegen. Als Paulus deze uitspraak doet, bedoelt hij daarmee de 1e Opstanding van de doden. Daartoe behoren de gelovigen, die in Christus ontslapen zijn. Zij staan op te midden van de overige doden. Hoewel wij niet weten hoe, zijn vangen dit teken op. De apostel Johannes spreekt over de overige doden, dat zijn zij, die niet in Christus geloofden.

“De overige doden werden niet weder levend, voordat de duizend jaren voleindigd waren.”

Openbaring 20:5

Die Opstanding vindt dus 1000 jaar later plaats dan die van de gelovigen.

Testament of Verbond?

In de overdenking werd opgemerkt, dat rond de 95% van de vier Evangeliën inhoudelijk tot het Oude Testament behoort, maar ze staan in het Nieuwe. Dat wekt verwarring. Het moet duidelijk zijn, dat er niet zoiets bestaat als een Oud Testament voor de Joden en een Nieuw voor de Christenen. De Bijbel zegt:

“En de Schrift niet kan gebroken worden,”

Johannes 10:35b

Toch wordt de Bijbel onderverdeeld in een  Oud- en een Nieuw Testament. Er is al vastgesteld, dat rond de 95% van de Evangeliën inhoudelijk tot het Oude Testament behoort, maar ze staan wel in het Nieuwe. Maar in werkelijkheid gaat het niet om Oud- of Nieuw Testament, maar om Oud of Nieuw Verbond. In het Nederlands lopen deze begrippen door elkaar. Maar het gaat niet om de laatste wil en iemands testament.  In de grondtekst wordt gesproken over het Verbond. Dit veroorzaakt verwarring. De 95% die inhoudelijk tot het Oude Testament behoort, loopt in het Nieuwe door tot Mattheüs 26:28; Lucas 22:20.  De apostel Johannes bezegelt het met de Kruiswoorden van de Here Jezus:

“Toen Jezus dan de zure wijn genomen had, zei Hij: Het is volbracht! En Hij boog het hoofd en gaf de geest.”

Johannes 19:30

Daar eindigt het Oude Verbond.

Het Nieuwe Verbond

Johannes 19:30 meldt het einde van het Oude Verbond. Het nieuwe Verbond begint op de Pinksterdag. Dan gaan de woorden van de profeet Joël in vervulling. Op die dag werd Gods Geest nog niet op al wat leeft uitgestort, maar het was een voorproef van wat ook nu nog komen moet:

“Daarna zal het geschieden, dat Ik mijn Geest zal uitstorten op al wat leeft, en uw zonen en uw dochters zullen profeteren; uw ouden zullen dromen dromen; uw jongelingen zullen gezichten zien. Ook op de dienstknechten en op de dienstmaagden zal Ik in die dagen mijn Geest uitstorten.”

Joël 2:28-29

Lettend op de eindtijd verduidelijkt de profeet Jeremia:

“Maar dít is het verbond, dat Ik met het huis van Israël sluiten zal na deze dagen, luidt het woord des Heren: Ik zal mijn wet in hun binnenste leggen en die in hun hart schrijven, Ik zal hun tot een God zijn en zij zullen Mij tot een volk zijn.”

Jeremia 31:33

De uitstorting van de Heilige Geest op de Pinksterdag was een belangrijke stap vooruit, een voorlopige vervulling van het profetische woord. Deze gebeurtenis opende de weg ook voor de heidenen, dat wil zeggen, voor de niet-Joden, om deel te hebben aan Gods heilsplan. Als de profetieën van Joël en Jeremia in hun geheel in vervulling gegaan zijn, is het heilsplan van God voor alle mensen door middel van Israël als Zijn instrument voltooid.

Amen.

~Dr. K. van Berghem

Beklagenswaardig?

(Either JavaScript is not active or you are using an old version of Adobe Flash Player. Please install the newest Flash Player.)

“Indien wij alleen voor dit leven onze hoop op Christus gebouwd hebben, zijn wij de beklagenswaardigste van alle mensen.”

1 Korinthiërs 15:19

Schriftlezing

“Ik maak u bekend, broeders, het evangelie, dat ik u verkondigd heb, dat gij ook ontvangen hebt, waarin gij ook staat, waardoor gij ook behouden wordt, indien gij het zó vasthoudt, als ik het u verkondigd heb, tenzij gij tevergeefs tot geloof zoudt gekomen zijn.

(…)

Indien nu van Christus gepredikt wordt, dat Hij uit de doden is opgewekt, hoe komen sommigen onder u ertoe te zeggen, dat er geen opstanding der doden is? Indien er geen opstanding der doden is, dan is ook Christus niet opgewekt. En indien Christus niet is opgewekt, dan is immers onze prediking zonder inhoud, en zonder inhoud is ook uw geloof. Dan blijken wij ook valse getuigen van God te zijn, want dan hebben wij tegen God in getuigd, dat Hij de Christus opgewekt heeft, die Hij toch niet heeft opgewekt, indien er geen doden opgewekt worden. Immers, indien er geen doden opgewekt worden, dan is Christus ook niet opgewekt; en indien Christus niet is opgewekt, dan is uw geloof zonder vrucht, dan zijt gij nog in uw zonden. Dan zijn ook zij, die in Christus ontslapen zijn, verloren. Indien wij alleen voor dit leven onze hoop op Christus gebouwd hebben, zijn wij de beklagenswaardigste van alle mensen. Maar nu, Christus is opgewekt uit de doden, als eersteling van hen, die ontslapen zijn. Want, dewijl de dood er is door een mens, is ook de opstanding der doden door een mens. Want evenals in Adam allen sterven, zo zullen ook in Christus allen levend gemaakt worden. Maar ieder in zijn eigen rangorde: Christus als eersteling, vervolgens die van Christus zijn bij zijn komst; daarna het einde, wanneer Hij het koningschap aan God de Vader overdraagt, wanneer Hij alle heerschappij, alle macht en kracht onttroond zal hebben.”

Korinthiërs 15:1-3, 12-24

Boodschap

Er is een rangorde in de Opstanding. Eerst die, dan die. Het is belangrijk voor ieder mens om te weten, bij welke Opstanding hij hoort. Dat moeten we ook aan anderen kunnen uitleggen. In één tekst geeft de apostel Johannes het slechte en het goede nieuws. We beginnen met het goede nieuws:

“Wie in de Zoon gelooft, heeft eeuwig leven; doch wie aan de Zoon ongehoorzaam is, zal het leven niet zien, maar de toorn Gods blijft op hem.”

Johannes 3:36

Wie het eeuwige leven heeft ziet uit naar de vervulling van de profetie:

“Want dit zeggen wij u met een woord des Heren: wij, levenden, die achterblijven tot de komst des Heren, zullen in geen geval de ontslapenen voorgaan, want de Here zelf zal op een teken, bij het roepen van een aartsengel en bij het geklank ener bazuin Gods, nederdalen van de hemel, en zij, die in Christus gestorven zijn, zullen het eerst opstaan; daarna zullen wij, levenden, die achterbleven, samen met hen op de wolken in een oogwenk weggevoerd worden, de Here tegemoet in de lucht, en zó zullen wij altijd met de Here wezen.”

1 Thessalonisenzen 4:15-18

Dat kan nu zo maar gebeuren. Dat is de eerste Opstanding. De apostel Paulus schreef:

“Zie, ik deel u een geheimenis mede. Allen zullen wij niet ontslapen, maar allen zullen wij veranderd worden,”

1 Korinthiërs 15:51

Samen vormen die twee groepen de Gemeente van Christus. Die wordt in zijn geheel opgenomen. Dan volgt de Grote Verdrukking, die 7 jaar duurt. Voor de Gemeente heeft de Here Jezus gezegd:

“Omdat gij het bevel bewaard hebt om Mij te blijven verwachten, zal ook Ik u bewaren voor de ure der verzoeking, die over de gehele wereld komen zal, om te verzoeken hen, die op de aarde wonen.”

Openbaring 3:10

Behalve voor de gehele wereld, betekent de Grote Verdrukking om Israël voor te bereiden op de komst van de Messias. In die Verdrukking zullen grote aantallen Joden tot geloof komen, door hun getuigenis zullen ook vele niet-Joden tot geloof komen. Daarna komt de Heer met de Gemeente om het Duizendjarig Rijk op aarde te vestigen. De bruidegom is de Heer; de Gemeente is de Bruid. In de gelijkenis gaan de tien maagden op weg naar het Bruiloftsfeest. Mattheüs 25:1 Maar waar is de Bruid? Die wordt niet genoemd. Hoe komt dat? Soms worden de tien maagden als de Bruid voorgesteld. Vijf zijn er wijs en vijf dwaas. Maar de Bruid kan niet half wijs en half dwaas zijn. Waar is de Bruid? Bij de Bruidegom! Maar dat staat er niet. Nee, hier niet. De Bruidegom gaat geen feest vieren zonder de Bruid. Wat is er aan de hand? Er zijn manuscripten, waar de Bruid er wel bij staat. Kent u het laatste boek van het Oude Testament? Het Boek Maleachi. Maar de Bijbel kent geen Oud en Nieuw Testament. De Bijbel spreekt over Oud en Nieuw Verbond. De Evangeliën behoren inhoudelijk voor 95% tot het Oude Verbond.

Als dat juist is, richt het Evangelie van Mattheüs zich tot hen, die behoren tot het Oude Verbond, het volk Israël. Het Oude Testament eindigt wel met het boek Maleachi, maar het Oude Verbond eindigt met de kruiswoorden van de Here Jezus, bijna op het einde van het Evangelie van Johannes 19:30 met:

“Toen Jezus dan de zure wijn genomen had, zei Hij: Het is volbracht!”

Johannes 19:30

Dat was de voltooiing van Gods belofte:

“En Ik zal vijandschap zetten tussen u en de vrouw, en tussen uw zaad en haar zaad; dit zal u de kop vermorzelen en gij zult het de hiel vermorzelen.”

Genesis 3:15

Dit gebeurde op Golgotha waar de kop van de slang, dat is Satan, de vijand van God en mens, werd vermorzeld. Dit is de afsluiting van het Oude Verbond. Er komt een Nieuw Verbond met Israël. Daar gaat de profetie van Jeremia in vervulling:

“Maar dít is het verbond, dat Ik met het huis van Israël sluiten zal na deze dagen, luidt het woord des Heren: Ik zal mijn wet in hun binnenste leggen en die in hun hart schrijven, Ik zal hun tot een God zijn en zij zullen Mij tot een volk zijn.”

Jeremia 31:33

Dat is Israël. Gelovigen, die van oorsprong niet tot Israël behoren, mogen er ook bij zijn. In eerste instantie was de uitstorting van de Heilige Geest op de Pinksterdag een Joods gebeuren. Maar, God had de wereld zo lief, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder die in Hem gelooft, dus ook de niet-Joden, niet verloren gaat, maar eeuwig leven zou hebben. Johannes 3:15

Ook zij konden de Heilige Geest ontvangen. De Romeinse officier, Cornelius, in Bijbelse termen een heiden, geloofde in God en vereerde Hem. Op zekere dag nodigde hij Petrus bij zich thuis om het Evangelie uit te leggen.

“Terwijl Petrus deze woorden nog sprak, viel de heilige Geest op allen, die het woord hoorden. En al de gelovigen uit de besnijdenis, die met Petrus waren meegekomen, stonden verbaasd, dat de gave van de heilige Geest ook over de heidenen was uitgestort,”

Handelingen 10:44-45

Het heil is bedoeld voor alle mensen, voor Joden en niet-Joden. Tijdens de Grote Verdrukking, de over de hele wereld komen zal, bestaat de mogelijkheid, dat zonder onderscheid mensen behouden kunnen worden:

“En het zal zijn, dat al wie de naam des Heren aanroept, behouden zal worden.”

Handelingen 2:21

Dat geldt voor Joden en niet-Joden. In hoofdstuk 25 van het Evangelie van Mattheüs staat de gelijkenis van de tien maagden, die op weg gaan naar de Bruiloft. Met deze maagden wordt het volk Israël bedoeld. Vijf van haar hebben olie in haar lampen, dat wil zeggen, zij hebben de Heilige Geest ontvangen. De andere vijf hebben die niet. Uit de profetie weten we, dat de Here Jezus straks als de Bruidegom met Zijn Bruid, de Gemeente komt. Die Gemeente bestaat uit Joden en niet-Joden, die in God geloven. Wie de Heilige Geest hebben mogen deelnemen aan het bruiloftsfeest. Zij hebben ingang tot het Koninkrijk Gods. Mattheüs sprak dit met het oog op zijn eigen volk Israël. Maar het geldt ook voor hen, die niet tot Israël behoren. Als gelovigen van niet-Joodse oorsprong,  mogen wij er ook deel van uit maken. Vergeet niet wat de apostel schreef:

“Want het heil is uit de Joden.”

Johannes 4:22

Het gaat uiteindelijk om toegelaten te worden tot de Bruiloftszaal, dat wil zeggen, deel hebben aan het Duizendjarig Rijk. Het dagelijks leven vraagt veel, heel veel van onze aandacht en energie. Maar het gaat uiteindelijk om iets meer dan alleen om dit leven.

“Indien wij alleen voor dit leven onze hoop op Christus gebouwd hebben, zijn wij de beklagenswaardigste van alle mensen.”

1 Korinthiërs 15:19

Er is meer, veel meer.

Amen.

~Dr. K. van Berghem

Verterend Vuur

(Either JavaScript is not active or you are using an old version of Adobe Flash Player. Please install the newest Flash Player.)

“Want onze God is een verterend vuur.”

Hebreeën 12:29

Schriftlezing

“Jaagt naar vrede met allen en naar de heiliging, zonder welke niemand de Here zal zien. Ziet daarbij toe, dat niemand verachtere van de genade Gods, dat er geen bittere wortel opschiete en verwarring stichte, en daardoor zeer velen zouden besmet worden. Laat niemand een hoereerder zijn, of onverschillig als Esau, die voor één spijze zijn eerstgeboorterecht verkocht. Want gij weet, dat hij later, toen hij (toch) de zegen wilde erven, afgewezen werd, want toen vond hij geen plaats voor berouw, hoewel hij het onder tranen zocht. Want gij zijt niet genaderd tot een tastbaar en brandend vuur, tot donkerheid, duisternis en stormwind, tot het geklank van een bazuin en tot het geluid van een stem, bij het horen waarvan zij verzochten, dat niet verder tot hen gesproken werd; want zij konden dit bevel niet dragen: Zelfs als een dier de berg aanraakt, zal het worden gestenigd. En zó ontzaglijk was het verschijnsel, dat Mozes zei: Ik ben enkel vreze en beving. Maar gij zijt genaderd tot de berg Sion, tot de stad van de levende God, het hemelse Jeruzalem, en tot tienduizendtallen van engelen, en tot een feestelijke en plechtige vergadering van eerstgeborenen, die ingeschreven zijn in de hemelen, en tot God, de Rechter over allen, en tot de geesten der rechtvaardigen, die de voleinding bereikt hebben, en tot Jezus, de middelaar van een nieuw verbond, en tot het bloed der besprenging, dat krachtiger spreekt dan Abel. Ziet dan toe, dat gij Hem, die spreekt, niet afwijst. Want als genen niet ontkomen zijn, toen zij Hem afwezen, die zijn godsspraak op aarde deed horen, hoeveel te minder wij, als wij ons afwenden van Hem, die uit de hemelen (spreekt). Toen heeft zijn stem de aarde doen wankelen, doch thans heeft Hij een belofte gegeven, zeggende: Nog eenmaal zal Ik niet slechts de aarde, maar ook de hemel doen beven. Dit: nog eenmaal, doelt op een verandering der wankele dingen als van iets, dat slechts geschapen is, opdat blijve, wat niet wankel is. Laten wij derhalve, omdat wij een onwankelbaar koninkrijk ontvangen, dankbaar zijn en hierdoor God vereren op een Hem welbehagelijke wijze met eerbied en ontzag, want onze God is een verterend vuur.”

Hebreeën 12:14-29

Boodschap

Regelmatig hoor ik om me heen: God is liefde. En dat is ook zo. Dat staat muurvast. Maar er staat nog meer muurvast. Over de engelen, de Serafs, lezen wij bij de profeet Jesaja:

“En de een riep de ander toe: Heilig, heilig, heilig is de Here der heerscharen, de ganse aarde is van zijn heerlijkheid vol.”

Jesaja 6:3

Dat ligt al wat moeilijker. Wat moeten ons daarbij voorstellen? Van meerdere profeten en ook van de apostel Johannes lezen we, dat waar God hen ontmoet, ze door grote vrees worden aangegrepen en niet kunnen blijven staan. Maar het wordt nog moeilijker als we lezen:

“Want onze God is een verterend vuur.”

Hebreeën 12:29

Dat staat toch ook in de Bijbel. Daar lezen we te makkelijk overheen. God is liefde, God is heilig, God is een verterend vuur. Dat krijgen wij als slimme mensen niet op een rijtje. Dat is ook niet te begrijpen. Maar wat kunnen we wel begrijpen? Als God in Zijn Woord tot ons spreekt, heeft Hij ons iets te zeggen. God spreekt geen geheimtaal. Hij heeft ons de taal gegeven om ons te kunnen zeggen, wat Zijn wil, Zijn bedoeling is. Wat zegt God dan? Door de 10 plagen openbaarde God zich aan de Farao van Egypte. Israël had een indruk van God gekregen. De gebeurtenissen spraken voor zichzelf. Israël begreep, God is machtig en doet grote wonderen. Was dat Godsbeeld juist? Ja, maar niet compleet. Daarna openbaarde God zich, dat Hij niet alleen machtig, almachtig, maar ook heilig is. Op de Sinaï gaf God de 10 geboden. Dat was om nooit te vergeten, wat daarbij kwam kijken.

“En het gehele volk was getuige van de donderslagen, de bliksemstralen, het geluid van de bazuin en de rokende berg. Toen het volk het zag, beefde het en bleef van verre staan. En zij zeiden tot Mozes: Spreek gij met ons, dan zullen wij horen; maar God spreke niet met ons, opdat wij niet sterven. Maar Mozes zei tot het volk: Vreest niet, want God is gekomen om u op de proef te stellen, en opdat er vrees voor Hem over u kome, dat gij niet zondigt.”

Exodus 20:18-20

Zo kenden ze God eigenlijk niet. Was dit de God met het dreigende vingertje? Hun Godsbeeld was scheef. Waarom deed God het zo? Dat hebben net gelezen : “opdat er vrees voor Hem over u kome, dat gij niet zondigt.” Het betekent niet angst, maar diep respect, grote eerbied. Wat is ons Godsbeeld? God is liefde, en dan? Is dat alles? Israël had weer een les geleerd. Maar hadden ze dé les geleerd? Toen Mozes later 40 dagen op de berg was, duurde het voor Israël allemaal te lang. Ze namen het heft in eigen hand. God dienen, ja natuurlijk. Maar dat doen we zoals wij denken, dat het moet. Eigentijds, zoals Israël het om zich heen zag. Zoals wij het ook maar al te vaak om ons heen zien. Dat is het verhaal van het Gouden Kalf. Het Kalf, afbeelding van jeugdige kracht, van vruchtbaarheid wat in de godsdienst van die tijd heel belangrijk was. De ramp van Israël was, dat ze van God een karikatuur maakten. Welke heiligheid straalt een jonge stier uit? Ze waren het alweer vergeten:

“De verschijning van de heerlijkheid des Heren was als verterend vuur op de top van de berg ten aanschouwen van de Israëlieten.”

Exodus 24:17

God is liefde, ja! God is heilig, ja! God is ook een verterend vuur, ja! Het een niet meer of minder dan het ander. Gods vuur openbaart zich soms ook als oordeel. Wat gebeurde er kort na Pinksteren in de bruisende jonge Gemeente van Jeruzalem? Wonderen en tekenen. Toen kwam er vervolging van buitenaf. Maar het ergste zat in de Gemeente zelf. Ananias en Saffira deden aan creatief boekhouden. God doet wonderen, ja. God is liefde, ja, God is ook heilig. Toen sloeg de vlam in de pan, midden in de Gemeente met iedereen erbij. Ze hebben zich gebrand, zijn verbrand door het vuur van Gods heiligheid. Het is als met een mug, die om de brandende kaars heen cirkelt. Het licht en de warmte trekken hem. Hij komt steeds dichterbij. Dan ineens hoor je iets knisperen en de mug is verbrand. Wat is er mis met de kaars? Niets. Wat is er mis met de mug, ook niets, maar hij moet niet onbeschermd bij het vuur komen.

Zo kunnen wij ook niet tot de God van Israël, tot de Vader van onze Here Christus naderen, als we niet onder de bedekking van Zijn bloed zijn. Alleen door het verzoenend bloed van de Heiland hebben wij toegang tot Gods Troon. Alleen door Gods Zoon, door Zijn leven te geven zodat de relatie tussen God en mens hersteld kon worden. De mens, die het niet gelooft, of het niet nauw neemt met Gods heiligheid, is in acuut gevaar. Zij, die er wel mee rekenen en er naar handelen, zijn apart gezet. Dat wil zeggen, ze zijn geheiligd. Onder de prediking van het evangelie, dat de mensen tot bekering moesten komen, waren Ananias en Saffira tot geloof gekomen. Ze hadden de Heilige Geest ontvangen en werden gerechtvaardigd. Dan volgt voor iedere gelovige het proces van de heiligmaking. Door de Heilige Geest te bedriegen, hebben ze een fatale kortsluiting gemaakt. Gods heiligheid werd geschonden en God greep in. Dit is ons tot voorbeeld gesteld. Wie gerechtvaardigd werd heeft, zoals de apostel Paulus het uitdrukte, zijn verdere leven nodig om “uw behoudenis (te) bewerken met vreze en beven,” Filippenzen 2:12. Wie die weg gaat, wordt niet door Gods heiligheid verteert. Is hij dan beter als een ander? Nee, “Maar gij geheel anders gij hebt Christus leren kennen.” Efeziërs 4:20 Mensen, die op die manier geheel anders zijn, doen niet aan creatieve boekhouding. De God met het vingertje, de God van de power, de god van de softe liefde, is niet de God van de Bijbel. Dat is het Gouden Kalf, een karikatuur van God. Het Godsbeeld, dat wij uit Zijn Woord ontvangen, is geen schrikbeeld. Ondanks alles mogen wij toch tot die God naderen. U moet niet vragen wat het Hem gekost heeft. Hij gaf Zijn Zoon en wist wat mensen met Hem zouden doen. Wie dat begrijpt, kan pas echt zeggen: God is liefde, God is heilig, God is ook een verterend vuur. Die God is onze God.

Amen.

~Dr. K. van Berghem

Wakker worden!

(Either JavaScript is not active or you are using an old version of Adobe Flash Player. Please install the newest Flash Player.)

“Daarom heet het: Ontwaak, gij die slaapt, en sta op uit de doden, en Christus zal over u lichten.”

Efeziërs 5:14

Schriftlezing

“Weest dan navolgers Gods, als geliefde kinderen, en wandelt in de liefde, zoals ook Christus u heeft liefgehad en Zich voor ons heeft overgegeven als offergave en slachtoffer, Gode tot een welriekende reuk. Maar van hoererij en allerlei onreinheid of hebzucht mag onder u zelfs geen sprake zijn, zoals het heiligen betaamt, en evenmin van onwelvoegelijkheid en zotte of losse taal, die geen pas geven, doch veeleer van dankzegging. Want hiervan moet gij doordrongen zijn, dat in geen geval een hoereerder, onreine of geldgierige, dat is een afgodendienaar, erfdeel heeft in het Koninkrijk van Christus en God. Laat niemand u misleiden met drogredenen, want door zulke dingen komt de toorn Gods over de kinderen der ongehoorzaamheid. Doet dan niet met hen mede. Want gij waart vroeger duisternis, maar thans zijt gij licht in de Here; wandelt als kinderen des lichts, – want de vrucht des lichts bestaat in louter goedheid en gerechtigheid en waarheid – , en toetst wat de Here welbehagelijk is. En neemt geen deel aan de onvruchtbare werken der duisternis, maar ontmaskert ze veeleer, want het is zelfs schandelijk om te noemen, wat heimelijk door hen wordt verricht; maar als dat alles door het licht ontmaskerd wordt, komt het aan de dag; want al wat aan de dag komt is licht. Daarom heet het: Ontwaak, gij die slaapt, en sta op uit de doden, en Christus zal over u lichten. Ziet dus nauwlettend toe, hoe gij wandelt, niet als onwijzen, doch als wijzen, u de gelegenheid ten nutte makende, want de dagen zijn kwaad. Weest daarom niet onverstandig, maar tracht te verstaan, wat de wil des Heren is.”

Efeziërs 5:1-17

Boodschap

De nu onbewoonde stad Efeze uit de 12e eeuw voor Christus, was de belangrijkste stad in de Romeinse provincie van Klein-Azië, het huidige Turkije. De stad met zijn driehonderdduizend inwoners had een beroemde tempel voor de vruchtbaarheidsgodin Diana met de vele borsten. Van deze godin werd gezegd, dat ze uit de hemel gevallen was. Deze godin werd wereldwijd vereerd. In de Franse stad Nîmes bestaat de nog altijd toegankelijke ruïne van een tempel van deze godin. Bij mijn bezoek bleek de godin niet aanwezig, er was ook geen afbeelding van haar. Er was in Efeze een grote Joodse gemeenschap. In het jaar 52 bezocht de apostel Paulus deze stad. Vanwege het belang van dit belangrijke handels-, politiek en godsdienstig centrum bleef hij er bij een later bezoek 2 jaar. Toen begon er vijandschap tegen het groeiende Christelijke geloof te ontstaan. De godsdienst van Diana begon er onder te lijden zodat zelfs een economische crisis ontstond. Hoewel er nog veel meer interessante dingen over deze stad te vertellen zijn, zullen we het hier even bij laten. We zijn in het gelukkige bezit van enkele momentopnamen over een periode van ruim 30 jaar van de geschiedenis van deze Gemeente. Ik noem enkele hoogtepunten. Volgens Handelingen 19:1-8 kwam de apostel Paulus na zijn reis door de bovenlanden in Efeze. Drie maanden lang sprak hij in de synagoge over het Koninkrijk Gods. Hij maakte kennis met 12 mannen, die eerder in Jeruzalem de doop van Johannes hadden ontvangen. Na Paulus’ prediking lieten zij zich dopen en ontvingen de Heilige Geest. Hier ligt de basis van de Christelijke Gemeente in die stad. Er gebeurden opzienbarende dingen in die stad. Ik citeer:

“Enige van de rondreizende Joodse geestenbezweerders waagden het over hen, die zulke boze geesten hadden, de naam van de Here Jezus te noemen met de woorden: Ik bezweer u bij de Jezus, die Paulus predikt. Het waren nu zeven zonen van een zekere Skevas, een Joodse overpriester, die dit deden. Maar de boze geest antwoordde en zei: Jezus ken ik en van Paulus weet ik, maar wie zijt gij? En de mens, in wie de boze geest was, sprong op hen af, overweldigde hen tezamen en bleek zoveel sterker dan zij, dat zij zonder kleren en gewond uit dat huis moesten vluchten. En dit werd bekend aan allen, Joden en Grieken, die te Efeze woonden, en vrees overviel hen allen, en de naam van de Here Jezus werd grootgemaakt; en velen van hen, die gelovig geworden waren, kwamen hun schuld belijden en uitspreken wat zij bedreven hadden. En enigen van degenen, die toverkunsten hadden uitgeoefend, brachten hun boeken bijeen en verbrandden ze ten aanschouwen van allen. En men berekende de waarde ervan en stelde die vast op vijftigduizend zilverstukken. Zo wies het woord des Heren krachtig en het werd sterker.”

Handelingen 19:13-20

Dit alles leidde ertoe, dat de Efeziërs zich van godin Diana begonnen los te maken. Dit had grote gevolgen voor de industrie waar de beeldjes van de godin werden gemaakt. Het trof het godsdienstig toerisme met alles wat daarbij hoort. De toen al bestaande vakbond kwam in verzet. Het liep uit op een massabetoging voor de godin in het eerder genoemde theater. De hele stad was in rep en roer. Er was zelfs een dreiging dat de Romeinse troepen zouden ingrijpen om de orde te herstellen. Paulus was van zijn leven niet zeker. Een ding is duidelijk: er ging een krachtige werking uit van de Gemeente. De Gemeente verkocht geen verhaal voor kinderen en oude vrouwtjes. Was het zo maar gebleven! Tien jaar later schreef de apostel een brief aan deze Gemeente. Uit de tekst van deze overdenking spreekt grote zorg. Het begin was zonder meer indrukwekkend. Maar een jaar of tien na dat indrukwekkende begin riep de apostel de ingedutte Gemeente toe:

“Ontwaak, gij die slaapt, en sta op uit de doden, en Christus zal over u lichten. Ziet dus nauwlettend toe, hoe gij wandelt, niet als onwijzen, doch als wijzen.”

Efeziërs 5:14-15

Is daar iemand? Wakker worden! Dat was in het jaar 64. Het is verdrietig, dat de volgende generatie het er niet beter afbracht. Rond het jaar 95 kreeg de apostel Johannes van de Heer der Gemeente de opdracht een brief aan de Gemeente Efeze te sturen waarin o.a. het volgende te lezen stond:

“Dit zegt Hij, die de zeven sterren in zijn rechterhand houdt, die tussen de zeven gouden kandelaren wandelt: Ik weet uw werken en inspanning en uw volharding en dat gij de kwaden niet kunt verdragen en hen op de proef gesteld hebt, die zeggen, dat zij apostelen zijn, maar het niet zijn, en dat gij hen leugenaars hebt bevonden; en gij hebt volharding en hebt verdragen om mijns naams wil en gij zijt niet moede geworden. Maar Ik heb tegen u, dat gij uw eerste liefde verzaakt hebt. Gedenk dan, van welke hoogte gij gevallen zijt en bekeer u en doe (weder) uw eerste werken. Maar zo niet, dan kom Ik tot u en Ik zal uw kandelaar van zijn plaats wegnemen, indien gij u niet bekeert.”

Openbaring 2:1-5

Tien jaar na het begin van de Gemeente wordt ze opgeroepen wakker te worden. De Gemeente was ingedut. Het betekent niet, dat er niets goed aan was. Dat bleek 30 jaar later wel uit hun inspanning en volharding. Hun geestelijk inzicht om de verkondigers van verhaaltjes te ontmaskeren. Ondanks de kritiek, die ze kregen waren ze niet moe geworden maar gingen door. Maar een ding ging niet goed: de Heer van de Gemeente, Jezus Christus, stond niet meer op de eerste plaats. Dit is fataal voor de Gemeente. Als er geen verandering in komt, dreigt Hij de kandelaar, de aanwezigheid van de Heilige Geest, weg te nemen. Als dat gebeurt zakt de Gemeente af naar het niveau van een club, die kerkje speelt. De vraag voor elke Gemeente is steeds weer: zijn wij in het centrum van Gods wil, of zijn we zo druk bezig, dat we dat niet meer zien? Of we dat nu prettig, en van deze tijd, vinden of niet: bidden wij in alle oprechtheid: Uw wil geschiede, wat het ook kost? De Gemeente, die zich zo opstelt en het in praktijk brengt, krijgt kritiek. Met alle goede bedoelingen, met alle inzet, die gelovigen kunnen opbrengen, kunnen ze geestelijk ingeslapen zijn. Daarom riep de apostel ”wakker worden.” Kijk hoe het begon, en hoe is het nu? Het is niet allemaal vanzelfsprekend. De apostel riep: sta op van tussen de doden. Die doden zijn de mensen, die geestelijk dood zijn, mensen, die God niet kennen. Ongelovigen moeten wedergeboren worden; ingeslapen gelovigen moeten wakker worden. Ze moeten zien waar het om gaat en er naar handelen. De Efeziërs leefden in een grote stad, die bruiste van de energie. Misschien verdienden ze de kost in het toerisme of in de handel. Daar is niets mis mee, maar lieten ze zich niet sluipend meeslepen in de heersende cultuur, die van het Christelijk geloof niets hebben moet? In onze tijd is het niet anders. Dit is alles behalve comfortabel. Wie een volgeling van Christus wil zijn, betaalt daarvoor een prijs. In deze tijd wordt dat steeds moeilijker. Er zijn berichten, dat veel jonge mensen spontaan voor gebed bijeenkomen. Velen hebben een blij geloofsleven gekregen. Hier klinkt het geritsel van een Opwekking. Ziet u er ook naar uit? De roep klinkt: wakker worden! Hoort u het? Sta dan op, de Meester is daar en Hij roept u!

Amen.

~Dr. K. van Berghem

Beproef De Geesten Of Ze Uit God Zijn

Samenvatting

Deel 1: De Pinksterbeweging

Er staan grote geestelijke belangen op het spel. In gehoorzaamheid aan 1 Johannes 4:1 werd een onderzoek naar de Pinksterbeweging gedaan. In de Gemeente van Berea gingen de gelovigen bij thuiskomst na of wat de apostel Paulus had verkondigd klopte, Handelingen 17:11. Zonder onderscheid des persoons moeten wij hetzelfde doen. De Opwekking van Wales vond plaats 1904-1905. Door gebrek aan bijbelse verkondiging verliep deze opwekking. Het nieuws van de Opwekking in Wales bereikte de westkust van Amerika. Het leidde tot de opkomst van de Pinksterbeweging, die daar rond 1906 ontstond. Via Noorwegen kwam de beweging naar Europa kwam, van waaruit de beweging naar Duitsland kwam en daar tot beroering leidde. Nu ziet de Wereldraad van Kerken de Pinksterbeweging naast de Protestantse en Rooms-Katholieke kerken als derde onafhankelijke pilaar waar het Christendom op rust..De grote groei van de Pinksterbeweging wordt toegeschreven aan de ervaring van de Heilige Geest. In de traditionele Pinksteropvatting is de doop met de Heilige Geest hetzelfde als de vervulling met de Heilige Geest. Behalve dat dit een onbijbels standpunt is, zijn Pinkstergeleerden het daarover onder elkaar ook niet eens. Een bekende Pinkstervoorganger is de Zuid-Koreaanse Yonggi Cho, die het onbijbelse visualiseren heeft ingevoerd. Langs die weg sluipt occultisme in de Evangelische Beweging binnen. Een ernstig bezwaar is, dat er door de onjuiste opvatting over de Geestesdoop een tweedeling onder wedergeboren gelovigen ontstaat, Er zijn volgens die lezing gelovigen, die de Geestesdoop wel, en andere gelovigen, die hem niet hebben ontvangen. In Art. 4 van de Geloofsbasis van de Verenigde Pinkster- en Evangeliegemeenten over de werking van de Heilige Geest wordt aan het principe van 1 Korinthiërs 12:12-13 voorbijgegaan.

Volgens de Pinkstertheoloog Dr. P. van der Laan is het onderscheid tussen evangelische en pinkstergelovigen, dat de laatsten “iets” meer zouden hebben. Volgens hem zouden we het ook niet zonder de mystiek van de Oosters-Orthodoxie kunnen stellen. In deze studie wordt een en andere aan de Heilige Schrift getoetst waarbij ook de machten der duisternis niet over het hoofd worden gezien. In Oost-Europa hebben de gelovigen erg onder verdrukking te lijden gehad. In West Europa wordt de geestelijke strijd door een grote misleidingsoperatie van de vijand gevoerd. Geestelijke misleiding wordt geïllustreerd aan de hand van een Oudtestamentisch voorbeeld, dat ook voor vandaag geldt.

Download

Deel 2: De Charismatische Beweging

In deze studie wordt aandacht aan de zogenaamde Drie Golven van de Heilige Geest besteed. Door gebrek aan zorgvuldig taalgebruik is er grote verwarring onder gelovigen ontstaan. Het begrip Evangelisch heeft in de loop der jaren een andere betekenis gekregen dan die het vroeger had. Zie daarvoor Daaraan is de studie Evangelisch-Neo-Evangelisch gewijd. Door de Derde Golf is de Toronto Blessing bekend geworden. Deze wordt onder de loep genomen waarvan een voorbeeld in het Boek Daniël is tge vinden. Gaat het om Blessing of om Lycanthropie? De Vierde Golf beschrijft het verkeerde uitgangspunt van de fusie van evangelisch en charismatisch. Het kernprobleem is, dat in charismatische kring men niet genoeg aan de Bijbel heeft maar die met ervaring aangevuld moet worden. Er wordt ook aandacht besteed aan hedendaagse christelijke muziek. De plaats wordt aangewezen waar een breuk in gemeenten ontstaat. Aanbidding en Evangelisatie komen aan de orde. De conclusie van de studie is: Niet zo, maar zo!

Download

~Drs. K. van Berghem