Het Was Tijd

(Either JavaScript is not active or you are using an old version of Adobe Flash Player. Please install the newest Flash Player.)

“Maar toen de volheid des tijd gekomen was…”

Galaten 4:4

Schriftlezing

“En zie, er was een man te Jeruzalem, wiens naam was Simeon, en deze man was rechtvaardig en vroom, en hij verwachtte de vertroosting van Israël, en de heilige Geest was op hem. En hem was door de heilige Geest een godsspraak gegeven, dat hij de dood niet zou zien, eer hij de Christus des Heren gezien had. En hij kwam door de Geest in de tempel. En toen de ouders het kind Jezus binnenbrachten om met Hem te doen overeenkomstig de gewoonte der wet, nam ook hij het in zijn armen en hij loofde God en zeide: Nu laat Gij, Here, uw dienstknecht gaan in vrede, naar uw woord, want mijn ogen hebben uw heil gezien, dat Gij bereid hebt voor het aangezicht van alle volken: licht tot openbaring voor de heidenen en heerlijkheid voor uw volk Israël. En zijn vader en zijn moeder stonden verwonderd over hetgeen van Hem gezegd werd. En Simeon zegende hen en zeide tot Maria, zijn moeder: Zie, deze is gesteld tot een val en opstanding van velen in Israël en tot een teken, dat weersproken wordt – en door uw eigen ziel zal een zwaard gaan – , opdat de overleggingen uit vele harten openbaar worden. Ook was daar Hanna, een profetes, een dochter van Fanuël, uit de stam Aser. Zij was op hoge leeftijd gekomen, nadat zij met haar man na haar huwelijksdag zeven jaren had geleefd, en nu was zij weduwe, ongeveer vierentachtig jaar oud, en zij diende God onafgebroken in de tempel, met vasten en bidden, nacht en dag. En zij kwam op datzelfde ogenblik daarbij staan, en zij loofde mede God en sprak over Hem tot allen, die voor Jeruzalem verlossing verwachtten.”

Lukas 2:25-38

Boodschap

Er is overal een tijd van. In het boek Prediker staat,

“Alles heeft zijn uur en ieder ding onder de zon zijn tijd…”

Prediker 3:1

Talloze teksten spreken over de tijd. Zo ook de tekst van Galaten 4:4

“Maar toen de volheid des tijd gekomen was, heeft God zijn Zoon uitgezonden, geboren uit een vrouw, geboren onder de wet, om hen, die onder de wet waren, vrij te kopen, opdat wij het recht van zonen zouden verkrijgen.”

 

Galaten 4:4

Toen dat juiste moment aangebroken was, zond God Zijn Zoon. Het was tijd!. Daar was een tijdschema voor. Gods agenda kennen wij niet, maar die is er wel. God werkt een plan uit. Uit Genesis 3:15 weten we, dat de Verlosser zou komen.

“En Ik zal vijandschap zetten tussen u en de vrouw, en tussen uw zaad en haar zaad; dit zal u de kop vermorzelen en gij zult het de hiel vermorzelen.”

 

Genesis 3:15

Uit Johannes 3:16 weten we,

“Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven hebbe.”

 

Johannes 3:16

Uit Galaten 4:4 weten we dat het gebeurde op het vooraf vastgestelde tijdstip. God werkt volgens een voorgenomen Raadsbesluit. “Het Koninkrijk Gods zal er komen. De profeet Daniël moest al profeteren,

“Maar in de dagen van die koningen zal de God des hemels een koninkrijk oprichten,  dat in eeuwigheid niet zal te gronde gaan, en waarvan de heerschappij op geen ander volk meer zal overgaan: het zal al die koninkrijken verbrijzelen en daaraan een einde maken, maar zelf zal het bestaan in eeuwigheid,”

 

Daniël 2.44

In de dagen van die koningen wil zeggen, in de eindtijd. De eindtijd brak aan, bij Jezus’ geboorte. Dat noemt de Bijbel de volheid des tijds. Het gaat om het keerpunt in de geschiedenis. Het keerpunt ligt bij Jezus’ geboorte. Van Genesis 1 tot 11 gaat het over de volken. In Genesis 12 wordt een man apart gezet om de vader van het volk Israël te worden, dat de Messias zal voortbrengen. Gaandeweg wordt Gods doelgerichte geschiedenis openbaar. We zouden kunnen zeggen, dit is het begin van de eindtijd. Nu, 2000 jaar later, mogen we misschien wel zeggen, wij leven aan het einde van de eindtijd. We zijn in ieder geval 2000 jaar verder. Jezus’ prediking begon met de oproep:

“Bekeert u want het Koninkrijk der Hemelen is nabij gekomen,”

 

Markus 1:15

Jezus zei tegen de Farizeeën,

“Als Ik door de Geest Gods de boze geesten uitdrijf, dan is het Koninkrijk Gods. over u gekomen,”

 

Mattheüs 12:.28

Het Koninkrijk is er, de eindtijd is er en is ver gevorderd. Daarin leven wij. God is de God van het begin en van het einde. De Bijbel begint met de woorden,

“In den beginne God,”

 

Genesis 1:1

Aan het einde van de Bijbel horen we de woorden van Jezus,

“Ik ben de Alfa en de Omega, de eerste en de laatste, het begin en het einde,”

 

Openbaring 22:13

Alles ligt tussen deze twee polen besloten. God werkt heen naar de openbaring van Zijn Koninkrijk. De tekenen ervan waren en zijn zichtbaar. De geschiedenis van Israël toen en nu. De komst van het kind in de kribbe. Jezus’ bediening op aarde. Zijn lijden, Zijn sterven, Zijn opstanding en hemelvaart. We hebben de belofte van Zijn wederkomst. We dopen mensen om ze onder het gezag van Zijn Naam te brengen, we vieren Avondmaal zolang Hij nog niet is gekomen. Er zit lijn in, structuur. Het zijn richtingborden en kilometerpalen op de weg naar die toekomst. De Zoon kwam om ons vrij te kopen van de Wet. Niet dat de Wet niet goed was. Paulus zei, dat de wet heilig en goed is. De Wet staat nog altijd recht overeind. De Wet is niet afgeschaft, maar door Christus vervuld. Hij heeft voldaan aan de eis van Gods Wet. Wij schieten te kort. Daardoor zijn we in slavernij van de zonde geraakt. Bedolven onder een schuldenlast, of we dat geloven of niet. Jezus kwam in de volheid van de tijd om daar een eind aan te maken. Daar mogen we op ingaan. Om vrijuit te kunnen gaan. De Wet, die wij niet kunnen houden, drijft ons naar Christus toe. Doen we het niet, dan hebben een probleem! Daarom is de Wet nuttig en goed. Jezus is de enige, die ons kan bevrijden van de schuldenlast van de Wet. God heeft bij Jezus geen water in de wijn gedaan. Hij doet ook voor jou of mij geen water in de wijn. Zijn Woord is Wet. Daarover valt niet te discussiëren. Maar voor ieder, die voor zichzelf de ernst van de zaak inziet, is de oplossing bij Christus. Hij kwam om ons vrij te kopen. Hij gaf daarvoor Zijn leven. Wie geeft zijn leven om mensen vrij te kopen? Alleen een volmaakt mens kan dit. En dat is Jezus alleen. Jezus had vele gesprekken met de Farizeeën. Steeds probeerden ze Hem ergens op te betrappen. Ze zetten valletjes voor Hem open. Maar het werkte niet. Als ze maar iets dachten te vinden, waren ze er als de kippen bij. Het werkte niet. Op zekere dag zei Hij tegen hen

“Wie van u overtuigt Mij van zonde?”

 

Johannes 8:46

Dat moet je durven. Dan moet je goed weten wat je zegt. Op een zilveren dienblaadje kregen ze een buitenkansje aangeboden. Als ze toen maar iets hadden kunnen vinden! Daar gingen ze de mist in. Zijn aartsvijanden konden niets tegen Hem bedenken. Jezus is volmaakt. Als Jezus niet volmaakt is, is Hij de grootste bedrieger, die er ooit op aarde is geweest. Maar Hij, de Zoon van God, was niet anders dan Hij zich voordeed. In de ontmoeting met Jezus in de prediking, moeten we voor onszelf uitmaken of Hij de volmaakte Zoon van God is of een aartsbedrieger. Je kunt niet vrijblijvend onder de prediking zitten. Je kunt de prediking niet voor kennisgeving naast je neerleggen. Het Woord keert niet leeg tot God terug. Het heeft altijd een diepgaande uitwerking, vóór of tégen. De mensen van deze tijd denken, dat ze autonoom zijn. Ze doen en laten wat zij willen. Ze verbeelden zich onafhankelijk te zijn. Moderne mensen, weten immers wat ze doen. Ze zijn verslaafd aan de verdovende roes van de illusie. Het dringt niet tot hen door, dat ze slaaf zijn van een bepaald denken, dat hen gevangen houdt. Je kunt vastzitten in de verdoving van godsdienstigheid of ongodsdienstigheid. Je denkt, dat je goed zit. Anders zou je dat toch direct veranderen! Een godsdienstig leven kan ons niet bevrijden. Een ongodsdienstig leven evenmin. Door Christus bracht God het keerpunt in de geschiedenis. Nu gaat het om het keerpunt in je leven. Als de Zoon je vrijgemaakt heeft, dan pas zul je echt vrij zijn. Ben je vrijgemaakt van de slavernij, of denk je het alleen maar? Daarvoor kwam Jezus, toen de tijd gekomen was. In de Adventstijd, op weg naar het Kerstfeest. Nee, het vercommercialiseerde Kerstfeest, de knusse onderbreking, moeten we afschaffen. Een geurtje, een kleurtje, een drankje. Wat heeft dit nog met Christus te maken? Christenen vieren het Christusfeest, dat is iets anders. Het houdt niet op na 25 december. Van Bethlehem gaan we dan naar de Olijfberg. Van de 1e naar de 2e komst van Christus, de Wederkomst. Dat is Advent nà Advent. We zien in dankbaarheid om naar de eerste komst van het Kind in Bethlehem. We zien nu uit naar de komst van de verheerlijkte Christus in Zijn wederkomst. Kunt u, kun jij, die 2e komst bewust met blijdschap tegemoet zien? Gezang 6 vers 2 zingt,

“Uw Heiland zal verschijnen
Hij spreekt u vriend’lijk aan.
Wie noemen zich de zijnen,
Bereidt gij Hem de baan!

Gij, heuvelen, zinkt neer!
Gij dalen, rijst! Uw Koning
zoekt in uw hart een woning:
Ontsluit het voor de Heer!”

Amen.

~Drs. K. van Berghem

Reageren is niet mogelijk