Mysterie

(Either JavaScript is not active or you are using an old version of Adobe Flash Player. Please install the newest Flash Player.)

“Toen zij dit hoorden, ontstaken zij in woede en wilden hen ter dood laten brengen.”

Handelingen 5:33

Schriftlezing

“En door de handen der apostelen geschiedden vele tekenen en wonderen onder het volk; en zij waren allen eendrachtig bijeen in de zuilengang van Salomo. Doch van de anderen durfde niemand zich bij hen aansluiten, maar het volk stelde hen hoog. En des te meer werden er toegevoegd, die de Here geloofden, tal van mannen zowel als vrouwen, zo zelfs, dat men de zieken op straat droeg en op bedden en matrassen legde, opdat, wanneer Petrus voorbijkwam, ook maar zijn schaduw op iemand van hen zou vallen. En ook de menigte uit de steden rondom Jeruzalem stroomde toe en bracht zieken en door onreine geesten gekwelden mede. En zij werden allen genezen. Maar de hogepriester stond op en allen, die met hem waren – de zogenaamde partij van de Sadduceeën – en zij werden vervuld met naijver, en zij sloegen de handen aan de apostelen en zetten hen in het huis van bewaring. Maar een engel des Heren opende des nachts de deuren van de gevangenis en leidde hen naar buiten en zei: Gaat heen, gaat in de tempel staan en spreekt tot het volk al deze woorden des levens. En zij gaven daaraan gehoor en gingen tegen de ochtend de tempel binnen en leerden. Toen nu de hogepriester was aangekomen en die met hem waren, riepen zij de Raad bijeen, de gehele vergadering van de oudsten der kinderen Israëls, en zij zonden dienaars naar de kerker om hen te laten voorkomen. Doch de dienaars, daar aangekomen, vonden hen niet in de gevangenis. En zij keerden terug en brachten het bericht mede: Wij vonden de kerker zeer zorgvuldig gesloten en de wachters voor de deuren op hun post, maar, toen wij hem openden, vonden wij er niemand in. Toen nu de hoofdman van de tempel en de overpriesters deze woorden hoorden, waren zij erover in verlegenheid, wat daarvan komen zou. Maar er kwam iemand tot hen met het bericht: Zie, de mannen, die gij hebt gevangengezet, staan in de tempel en zij leren het volk. Toen ging de hoofdman met zijn dienaren erheen en nam hen mede, maar niet met geweld, want zij waren bevreesd, dat het volk hen stenigen zou; en toen zij hen gebracht hadden, leidden zij hen voor de Raad. En de hogepriester ondervroeg hen, zeggende: Wij hebben u nadrukkelijk verboden in deze naam te leren; en zie, gij hebt Jeruzalem vervuld met uw leer en gij wilt het bloed van deze mens op ons doen neerkomen. Maar Petrus en de apostelen antwoordden en zeiden: Men moet God meer gehoorzamen dan de mensen. De God onzer vaderen heeft Jezus opgewekt, die gij hebt gehangen aan een hout en omgebracht; Hem heeft God door zijn rechterhand verhoogd, tot een Leidsman en Heiland om Israël bekering en vergeving van zonden te schenken. En wij zijn getuigen van deze dingen en ook de heilige Geest, die God hun gegeven heeft, die Hem gehoorzaam zijn. Toen zij dit hoorden, ontstaken zij in woede en wilden hen ter dood laten brengen.”

Handelingen 5:12-33

Boodschap

De hoge heren waren boos. Wie dit hoofdstuk doorleest moet tot de ontdekking komen, dat er veel onverwachte en eigenlijk onmogelijke dingen gebeurden. De geestelijke leiders van het volk kwamen tot de ontdekking, dat ze zelfs de gebeurtenissen op en rond het terrein van de Tempel niet in de hand hadden. Dit was nog nooit vertoond. Ze wisten er geen raad mee. Hun gezag was in het geding. Het opvallende was, dat de Here Jezus geen leden van de Hoge Joodse Raad had uitgekozen om Hem te volgen. De vissers, die Hij wel had uitgekozen waren niet bepaald vooraanstaande leden van de samenleving. Trouwens, Hij was zelf ook zeiden zede onwettige zoon van een timmerman. Het was onverteerbaar, dat deze mensen zo’n invloed op de samenleving hadden, en dat nog wel tot in de Tempel. Ze botsten hier op een mysterie. Wat was dan dat mysterie? Tijdens Zijn omwandeling op aarde sprak de Here Jezus in gelijkenissen. De discipelen vroegen Hem waarom Hij dit deed.

“Hij antwoordde hun en zei: Omdat het u gegeven is de geheimenissen van het Koninkrijk der hemelen te kennen, maar hun is dat niet gegeven.”

Mattheüs 13:11

En waarom niet? In een ver verleden had God tegen Mozes gezegd om de boodschap aan Israël over te brengen:

“En gij zult Mij een koninkrijk van priesters zijn en een heilig volk. Dit zijn de woorden die gij tot de Israëlieten spreken zult.”

Exodus 19:6

Dat was toch wat ze deden! Al bijna duizend jaar voor Christus hadden ze een prachtige Tempel met een uitgebreide Eredienst, met priesters, een Hogepriester, Schriftgeleerden en Farizeeën. Er was muziek met koren en instrumenten. Ze hadden een eeuwenlange traditie. Maar wat was de conclusie van de Here Jezus?

“Terecht heeft Jesaja van u, huichelaars, geprofeteerd, zoals er geschreven staat: Dit volk eert Mij met de lippen, maar hun hart is verre van Mij. Tevergeefs eren zij Mij, omdat zij leringen leren, die geboden van mensen zijn.”

Marcus 7:6-7

Wat gebeurde er na Pinksteren, toen de wonderen en tekenen van het Koninkrijk voor iedereen in de Tempel en op straat zichtbaar waren? Na bedreiging en arrestatie kwamen de discipelen bijeen in gebed en baden:

“De koningen der aarde hebben zich opgesteld en de oversten zijn tezamen vergaderd tegen de Here en tegen zijn Gezalfde. Want inderdaad zijn in deze stad vergaderd tegen uw heilige knecht Jezus, die Gij gezalfd hebt, Herodes zowel als Pontius Pilatus met de heidenen en de volken van Israël, om te doen al wat uw hand en uw raad tevoren bepaald had, dat geschieden zou.”

Handelingen 4:26-27

Hier komt het mysterie aan de oppervlakte. Waarom begrepen de leiders het niet, waarom waren ze woedend? De gebeurtenissen waren van tevoren zo door God bepaald. Waarom? Daarop gaf de apostel later het antwoord:

“Want, broeders, opdat gij niet eigenwijs zoudt zijn, wil ik u niet onkundig laten van dit geheimenis: een gedeeltelijke verharding is over Israël gekomen, totdat de volheid der heidenen binnengaat, en aldus zal gans Israël behouden worden, gelijk geschreven staat: De Verlosser zal uit Sion komen, Hij zal goddeloosheden van Jacob afwenden. En dit is mijn verbond met hen, wanneer Ik hun zonden wegneem.”

Romeinen 11:25-27

Dit is de oplossing van het mysterie. Israël is bedoeld als licht voor de volken. Maar Israël is eigen wegen gegaan. Daarvoor werd en wordt het nog altijd beproefd. Maar dit is niet het einde. Het komt helemaal goed met Israël. De tijd waarin wij leven is de genadetijd. Aan de Gemeente van Efeze schreef de apostel:

“Mij, verreweg de geringste van alle heiligen, is deze genade te beurt gevallen, aan de heidenen de onnaspeurlijke rijkdom van Christus te verkondigen, en in het licht te stellen (wat) de bediening van het geheimenis (inhoudt), dat van eeuwen her verborgen is gebleven in God, de Schepper van alle dingen, opdat thans door middel van de gemeente aan de overheden en de machten in de hemelse gewesten de veelkleurige wijsheid Gods bekend zou worden, naar het eeuwige voornemen, dat Hij in Christus Jezus, onze Here, heeft uitgevoerd.”

Efeziërs 3:8-11

Dit is de kern van het mysterie. De leiders van Israël hadden een eigen godsdienstig systeem met wetten en wetjes ontwikkeld. De organisatie liep op rolletjes, maar ze misten de boot. Hun systeem was een eigen leven gaan leiden, waar, nota bene, voor Gods Zoon, de Messias, geen plaats was. En zo is het ook vandaag nog. Die les moeten we van Israël leren. God werkt Zijn plan uit. Daarvoor neemt Hij de tijd en Hij heeft de tijd. De lijn van dat plan vinden we van Genesis tot Openbaring. Wie het antwoord op het mysterie wil weten moet de moeite nemen om het daar te ontdekken.

Amen.

~Drs. K. van Berghem

Reageren is niet mogelijk