Zijn Gezalfde

(Either JavaScript is not active or you are using an old version of Adobe Flash Player. Please install the newest Flash Player.)

“De koningen der aarde scharen zich in slagorde en de machthebbers spannen samen tegen de Here en zijn gezalfde: Laat ons hun banden verscheuren en hun touwen van ons werpen!”

Psalm 2:2-3

Schriftlezing

“Waarom woelen de volken en zinnen de natiën op ijdelheid? De koningen der aarde scharen zich in slagorde en de machthebbers spannen samen tegen de Here en zijn gezalfde: Laat ons hun banden verscheuren en hun touwen van ons werpen! Die in de hemel zetelt, lacht; de Here spot met hen. Dan spreekt Hij tot hen in zijn toorn, en verschrikt hen in zijn gramschap: Ik heb immers mijn koning gesteld over Sion, mijn heilige berg. Ik wil gewagen van het besluit des Heren: Hij sprak tot mij: Mijn zoon zijt gij; Ik heb u heden verwekt. Vraag Mij en Ik zal volken geven tot uw erfdeel, de einden der aarde tot uw bezit. Gij zult hen verpletteren met een ijzeren knots, hen stukslaan als pottenbakkerswerk. Nu dan, gij koningen, wees verstandig, laat u gezeggen, gij richters der aarde. Dient de Here met vreze en verheugt u met beving. Kust de zoon, opdat hij niet toorne en gij onderweg niet te gronde gaat, want zeer licht ontbrandt zijn toorn. Welzalig allen die bij Hem schuilen!”

Psalm 2:1-12

Boodschap

Deze Messiaanse psalm ziet uit naar de komende Messias. Lang voordat de psalmdichter dit schreef had God al tegen Mozes gezegd:

“Een profeet uit uw midden, uit uw broederen, zoals ik ben, zal de Here, uw God, u verwekken; naar hem zult gij luisteren.”

Deuteronomium 18:15

We kunnen makkelijk over deze tekst heen lezen. Maar er staat iets heel bijzonders in. God zei, een profeet, zoals Ik ben. Hij is als God, die profeet is God. De psalm spreekt over een Gezalfde. Van die Gezalfde wordt gezegd:

“Ik wil gewagen van het besluit des Heren: Hij sprak tot mij: Mijn zoon zijt gij; Ik heb u heden verwekt.”

Psalm 2:7

Dit vinden we eeuwen later terug in het Evangelie. Een engel werd naar de verloofde maagd Maria gezonden met de boodschap, dat ze zwanger zou worden:

“En Maria zei tegen de engel: Hoe zal dat geschieden, daar ik geen omgang met een man heb? En de engel antwoordde en zei tot haar: De heilige Geest zal over u komen en de kracht van de Allerhoogste zal u overschaduwen; daarom zal ook het heilige, dat verwekt wordt, Zoon Gods genoemd worden.”

Lucas 1:34-35

Er is sprake van voortschrijdende openbaring. Er lagen eeuwen tussen wat God tegen Mozes zei en de engel, die met de boodschap bij Maria kwam. Bij voortschrijdende openbaring wordt steeds iets meer uitgelegd. Dit gaat door tot in het laatste Bijbelboek. Over Gods Zoon, de Gezalfde, schreef de apostel Johannes:

“En Hij had zeven sterren in zijn rechterhand en uit zijn mond kwam een tweesnijdend scherp zwaard; en zijn aanzien was gelijk de zon schijnt in haar kracht. En toen ik Hem zag, viel ik als dood voor zijn voeten; en Hij legde zijn rechterhand op mij en zei: Wees niet bevreesd, Ik ben de eerste en de laatste, en de levende, en Ik ben dood geweest, en zie, Ik ben levend tot in alle eeuwigheden, en Ik heb de sleutels van de dood en het dodenrijk.”

Openbaring 1:16-18

Hij, dat is Jezus van Nazareth, is de Gezalfde, Hij is de Eerste en de Laatste, Hij is eeuwig. De schrijver van de Hebreeënbrief schreef:

“En van de engelen zegt God, Die zijn engelen maakt tot winden en zijn dienaars tot een vuurvlam; maar van de Zoon: Uw troon, o God, is in alle eeuwigheid en de scepter der rechtmatigheid is de scepter van zijn koningschap.”

Hebreeën 1:7-8

Hij is God. Jezus van Nazareth is geboren uit de maagd Maria, Hij is de Zoon van God. Hiermee wordt gezegd, dat Hij zowel mens als God is. Als we dit lezen en horen, worden de woorden van de psalmdichter eigenlijk onbegrijpelijk:

“Waarom woelen de volken en zinnen de natiën op ijdelheid? De koningen der aarde scharen zich in slagorde en de machthebbers spannen samen tegen de Here en zijn gezalfde: Laat ons hun banden verscheuren en hun touwen van ons werpen! Die in de hemel zetelt, lacht; de Here spot met hen.”

Psalm 2:1-4

Ja, God lacht om het zielig gedoe van mensen. Waar zijn ze helemaal mee bezig? Het erge is, dat de mensen in al die tussenliggende eeuwen niets geleerd hebben. Het is vandaag niet anders. De psalm laat zien hoe dit afloopt:

Gij zult hen verpletteren met een ijzeren knots, hen stukslaan als pottenbakkerswerk.”

Psalm 2:9

Ja, maar ik dacht dat het over Jezus van Nazareth ging. We kennen Hem toch als de Here Jezus, die zieken genas, zelfs doden opwekte. De kindervriend, die zachtmoedig en nederig was? Hebben we het over dezelfde Persoon? Slaat Hij zo alle mensen neer, die niet in Hem geloven? Uit de voortschrijdende openbaring blijkt, dat er een evangelie is, de blijde boodschap. De Here Jezus bad Hij tot Zijn Vader:

“Vader, hetgeen Gij Mij gegeven hebt – Ik wil, dat, waar Ik ben, ook zij bij Mij zijn, om mijn heerlijkheid te aanschouwen, die Gij Mij gegeven hebt, want Gij hebt Mij liefgehad vóór de grondlegging der wereld.”

Johannes 17:24

Daarover schreef de apostel Paulus aan de Gemeente:

“Wat geen oog heeft gezien en geen oor heeft gehoord en wat in geen mensenhart is opgekomen, al wat God heeft bereid voor degenen, die Hem liefhebben.”

1 Korinthiërs 2:9

In dit licht, is de psalmdichter niet onredelijk als hij eindigt met de woorden:

“Nu dan, gij koningen, wees verstandig, laat u gezeggen, gij richters der aarde. Dient de Here met vreze en verheugt u met beving. Kust de zoon, opdat Hij niet toorne en gij onderweg niet te gronde gaat, want zeer licht ontbrandt zijn toorn. Welzalig allen die bij Hem schuilen!”

Psalm 2:10-12

Is God onredelijk? Welke keus maakt u? Als Schepper van hemel en aarde kan Hij Zijn schepping toch inrichten zoals Hij wil en met wie Hij wil!

De Gezalfde, Jezus van Nazareth. Hij kreeg de bijzondere opdracht om naar deze aarde te komen, om de verbroken relatie tussen God en de mensen te herstellen. De mensen hadden zich laten misleiden. De Gezalfde, dat is de Messias, de Christus, wist wat het Hem zou kosten. Toch deed Hij het. En hoe was de reactie? Het is niet te geloven.

“Hij kwam tot het zijne, en de zijnen hebben Hem niet aangenomen.”

Johannes 1:11

Met “het zijne” wordt Israël bedoeld. De Messias was beloofd. Maar de leiders hadden een beeld van de Messias, dat niet overeenstemde met wat God bedoelde. Voor hen was de Here Jezus als Messias niet aanvaardbaar. Hij deed niet wat zij van Hem verwachtten. Ze wilden wel een Verlosser, die hadden ze hard nodig. De situatie in het land vroeg er om. Maar ze wilden een Messias, een Verlosser naar eigen ontwerp. Maar God laat Zich niets voorschrijven ook niet door Schriftgeleerden en theologen. We mogen de Joden er niet scheef voor op aankijken. Het is in onze tijd niet anders. Om het zachtjes te zeggen: ook in ons land zijn wel enkele dingetjes, die niet goed lopen. Er wordt ook nu omgezien naar een sterke man, een leider, die, in het land en in de wereld, orde op zaken stelt. Ook vandaag denkt men de problemen politiek op te lossen. Dat werkt niet. Er is een terugkeer nodig tot God. Als mensen naar Gods Woord luisteren en dat in praktijk gaan brengen, verandert de samenleving. Dat is maar al te vaak gebleken op plaatsen waar Bijbels gefundeerde Opwekking kwam. Nog nooit is er Opwekking ontstaan in het Parlement. Opwekking begint op de knieën in de binnenkamer. Mensen voelen zich machteloos tegenover de politiek. Er gebeurt toch wat ze niet willen. De oplossing waar ze naar uitzien, komt niet uit het Parlement. Er zijn ongetwijfeld kundige mensen in de Volksvertegenwoordiging. Maar de problemen groeien ook hen over het hoofd. Ook een nieuwe president heeft het niet in de hand. Wie dat doet, overvraagt hem en wordt teleurgesteld. Een groeiend probleem is, dat de Joods-Christelijke basis van de samenleving wordt afgebroken. Er is maar één oplossing voor de gelovige. Hij heeft zelfs een grote verantwoordelijkheid. Gelovigen moeten vandaag massaal de binnenkamer ingaan en de zaak aan Hem, dat is de Gezalfde, voorleggen, die alle macht in de hemel en op de aarde heeft gekregen. Tot slot een gewetensvraag. Welk antwoord geven wij op de vraag van de Here Jezus?

“Doch, als de Zoon des mensen komt, zal Hij dan het geloof vinden op aarde?”

Lucas18:8

We hebben misschien veel te klagen en veel te mopperen. Vaak terecht. Het helpt niet. Het is nu tijd voor gebed, aanhoudend gebed.

“Maar gij, wanneer gij bidt, ga in uw binnenkamer, sluit uw deur en bid tot uw Vader in het verborgene; en uw Vader, die in het verborgene ziet, zal het u vergelden.”

Mattheüs 6:6

Amen.

~Dr. K. van Berghem

Reageren is niet mogelijk